Sprankelend leesbaar schrijven: hoe doe jij dat?

“Martijn, kun je in de Week van de Alfabetisering een workshop geven bij een dagblad over toegankelijk schrijven?” Met die vraag belde stichting Lezen & Schrijven een paar weken geleden. Hoe gaaf is dat? Als oud-journalist gaat mijn hart meteen sneller kloppen van zo’n kans. Natuurlijk zei ik ja. En dus stap ik vandaag in de trein, op weg naar een van mijn mooiste opdrachten ooit.

“We zijn vooral benieuwd hoe we toegankelijker kunnen schrijven, zonder grote concessies te doen aan taal en stijl”, zo geeft de redactie aan. Journalisten zijn hier dagelijks mee bezig: hoe leg ik dit verhaal uit aan onze lezers, onze kijkers of luisteraars? En hoe houd ik mijn artikel toegankelijk èn levendig, sprankelend tegelijk? Herkenbaar? Dan hoor ik graag hoe jij met dit dilemma omgaat.

Je schrijft niet voor jezelf

Nu is schrijven geen exacte wetenschap. Er zijn vaak verschillende manieren en mijn manier hoeft echt niet beter of slechter te zijn dan die van jou. Wel hebben alle schrijvers eenzelfde doel: ze schrijven om gelezen te worden. En dat vraagt behalve een sprankelende schrijfstijl zeker ook duidelijke taal. Ingewikkelde volzinnen die uit hun voegen barsten van de dure woorden? Misschien creatief. Maar welke lezer wordt hier nu enthousiast van? Veel lezers haken af bij volzinnen en duur of vaag taalgebruik. Niet gebruiken dus. Want je schrijft niet voor jezelf… Natuurlijk, er zijn lezers die wegzwijmelen bij taalkundige hoogstandjes. En dat mag natuurlijk. Alleen: hoe vaak is dat jouw doelgroep?

De belangrijkste tip en opdracht is dus: stem je tekst af op de doelgroep die je wilt bereiken. En daarbij geldt hetzelfde principe als bij een bergwandeling: de langzaamste loopt voorop en bepaalt het tempo. Zorg ervoor dat je tekst toegankelijk is voor de minst ervaren lezers binnen je doelgroep. De rest kan je tekst wel lezen, maar kiest er mogelijk voor dat niet te doen als ze de tekst te simpel vinden. Hoe voorkom je dat en houd je ook ervaren lezers vast? Opnieuw: ik hoor graag wat jouw ideeën en ervaringen zijn. Deel ze gerust. Zelf val ik terug op mijn journalistieke ervaring.

Wissel af

Journalisten houden niet van droge, feitelijke opsommingen van informatie. Ze weten dat niemand graag droog brood eet. En dat geldt ook voor teksten. Droge, saaie informatie boeit niet. Zorg voor afwisseling en breng saaie teksten tot leven. Hoe journalisten dat doen? Simpel: die gebruiken de sandwichformule. Wissel af, maak je tekst boeiend. Bijvoorbeeld door in lengte en opbouw van zinnen te variëren. En maak gebruik van goede stijlfiguren. Korte zinnen met eenzelfde opbouw en stijl zijn misschien duidelijk. Maar het zorgt niet voor meer begrip en lezers blijken er zelfs snel door af te haken. Korte zinnen lezen snel en verhogen dus het leestempo. Lange zinnen kosten (iets) meer tijd en vertragen dus het leestempo. Door korte en langere zinnen slim af te wisselen en te variëren in de opbouw en stijl van de zinnen, kun je saaie informatie sprankelend en levendig presenteren. En dat weet lezers beter te boeien. Met een goede mix tussen eenvoud en creativiteit kun je een brede doelgroep bereiken. Daar ben ik van overtuigd.

Beeldbrieven

En dan heb ik het nu alleen nog maar gehad over de taalkundige kant van begrijpelijke communicatie. Is er meer dan? Zeker: met alleen een begrijpelijk taalniveau ben je er namelijk vaak nog niet. Ook een tekst die technisch perfect is en taalniveau B1 heeft, kan leiden tot miscommunicatie. En niet alleen omdat dit taalniveau nog altijd te moeilijk is voor grofweg twee miljoen Nederlanders. Vorige week gaf collega Job Leene een masterclass over beeldbrieven. Het woord zegt het al: beeld vormt in deze brieven een belangrijke aanvulling om de boodschap goed over te brengen. Wil je hier meer over weten, lees dan het artikel dat Job hierover schreef. Of bekijk de korte video over de masterclass.

Kritisch publiek

Terug naar de workshop; de trein is namelijk bijna op de plaats van bestemming. Ik heb zin in de workshop; voor even terug van weggeweest bij mijn vorige baan als journalist. Gaaf om vandaag een verbinding te kunnen leggen met oud-vakgenoten. Ook al weet ik dat ik kritisch publiek heb: “Je hebt te maken met journalisten en aangezien je zelf jaren ervaring in die sector hebt, weet je dat ze gedreven zijn, heus wel wat willen leren, maar ook eigenwijs en (soms) betweterig kunnen zijn en misschien ook wel morgen meteen roepen van ‘ja, maar als we het zo moeten opschrijven dan is er geen moer meer aan’. Aan jou om door dat mijnenveld heen te laveren. We schrijven om gelezen en begrepen te worden, maar het moet ook in andere opzichten leesbare stukken blijven.” En zo is het.

Wat overblijft is mijn nieuwsgierigheid: wat doe jij eraan om ervoor te zorgen dat je tekst prettig leesbaar is èn gelezen en begrepen wordt? Ik hoor het graag!

Advertenties

Omgaan met sociale calamiteiten

Gisteren een boeiende training mogen verzorgen bij een gemeente. Thema: omgaan met sociale calamiteiten. In het voortraject voor de zomer eerst met alle betrokken partijen een calamiteitenplan opgesteld. Na goedkeuring door het college van B&W net voor de zomer, was het nu tijd om de werking van het plan te trainen aan de hand van een waargebeurd verhaal. Met een gezamenlijke swot-analyse door de lokale driehoek, het bestuur, zorg en veiligheid.

collage-2016-10-20-13_17_56

Over Martijn

Martijn van der Wind (1975) is senior trainer en mediaspecialist voor Texplain en Leene Communicatie. Hij streeft naar duidelijke, klare taal en houdt ervan mensen te enthousiasmeren.

Werkt voor
Martijn werkt zowel voor de non-profit- als de profitsector. Daarbij geeft hij trainingen op het gebied van media, interviews, presentaties en crisiscommunicatie. Ook begeleidt hij diverse schrijftrainingen, zoals: schrijven van offertes, begrijpelijk schrijven, schrijven van raadsvoorstellen, klantvriendelijke brieven en e-mails, journalistiek schrijven, schrijven van persberichten, en schrijven van speeches.

Achtergrond
Na zijn studie journalistiek deed hij een masterstudie communicatie in Zuid-Afrika. Hij studeerde af op een onderzoek naar de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Daarna werkte hij als redacteur en verslaggever voor 2Vandaag en als chef-redacteur bij het Nederlands Dagblad. Inmiddels heeft hij meer dan 10 jaar bureauervaring en is hij gespecialiseerd in trainingen; en in helder, begrijpelijk taalgebruik. Naast zijn werk als trainer en redacteur, adviseert Martijn regelmatig mensen en organisaties bij communicatie in crisissituaties. Ook begeleidt en traint hij mensen persoonlijk bij publieke optredens.

Martijn over Martijn
“Analfabetisme en laaggeletterdheid raken mij enorm. Taal is de basis van communicatie. Maar lang niet iedereen kan er goed mee overweg. Ik ben daarom in drie regio’s betrokken bij de strijd tegen laaggeletterdheid. In Heerlen, Leiden en Gouda zet ik me hiervoor in; samen met stichting Lezen & Schrijven, gemeenten, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties.”